Posts tonen met het label Nederlands. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Nederlands. Alle posts tonen

vrijdag 18 mei 2012

Gent,


Dag Heidi,

Hier is alles prima: de tweede dag van een lang weekend. We hebben dan toch maar besloten thuis te blijven. Het is altijd zo’n heel gedoe om met de kinderen ergens naartoe te gaan: reisbedjes, pampers, speelgoed, … al die toestanden! We zijn nu bezig met een herontdekkingstocht van het speelgoed. Lars vindt het schitterend!

Het is leuk om te lezen dat je het daar goed hebt in Daseinstadt. Maar wanneer reis je verder, Heidi? Ik ben eigenlijk wel benieuwd naar wat daar nog meer te zien is ;-).


Woorden betekenen op zichzelf niets in een zin. Eigenlijk is dat weer een gekke uitspraak, Heidi, maar ergens klopt het wel. Dit kan je misschien vergelijken met letters in een woord, die betekenen op zichzelf ook winieg wnat als je de lrettes in wedroon door eaaklr zet kan je het tcoh nog lezen. En smurfentaal smurfen we allemaal! Toch zijn er mensen die erg tegen die smurfentaal of fantasietalen zijn, want “zo leren de kinderen geen correct Nederlands spreken en begrijpen”. Eigenlijk geef je hier een tegenargument.


Het spreken in omschrijvingen deed me denken aan Gulliver's Travels. Daarin ontmoet Gulliver op een eiland professoren die taal willen optimaliseren door woorden af te schaffen. Aangezien woorden naar dingen verwijzen, leek het hen beter al die dingen mee te nemen en te tonen. Zo zouden er minder misverstanden zijn. Het was alleen jammer dat de vrouwen ertegen waren, anders hadden ze het plan zeker uitgevoerd! Toch een beetje omslachtig, als je het mij vraagt: die vrouwen hadden gelijk.


Met die fragmenten doe je me nadenken over de zinvolheid van woordenboeken. Is een woordenboek zinvol? Ik heb ondertussen op Youtube de hele aflevering van Black Adder (Ink and Incapability) bekeken. Het nut van een woordenboek wordt ook letterlijk in vraag gesteld:

Dr. Samuel Johnson: It is a book that tells you what English words mean.
Prince George: I know what English words mean. I speak English.

De prins ziet er duidelijk het nut niet van in en Black Adder zegt over het woordenboek van Dr. Johnson: “It's the most pointless book since How To Learn French was translated into French.” Ergens heeft hij wel gelijk. Hoe vaak gebeurt het niet dat je een woord opzoekt, maar dat de definitie niet voor opheldering zorgt omdat die even moeilijk is. En wat met vertaalwoordenboeken? Meestal moet je zelf nog, op basis van de zin, kiezen welke betekenis je uit het lijstje mogelijkheden weerhoudt. Woorden kunnen ook regionaal andere betekenissen krijgen. “Niet lopen”, staat op een bordje naast een Vlaams zwembad, waarop een Noord-Nederlandse zwemmer aan de redder vraagt hoe hij dan wel bij de glijbaan moet komen…

Je zegt dat woorden naar betekenissen toe groeien. Dat klopt, denk ik, niemand heeft het woord mama uitgevonden. De m-klank is nu eenmaal het geluid dat baby’s maken. Eerst is er betekenis, dan het woord. Zo gaat het ook met nieuwe woorden zoals ‘stoeproken’ want de mensen deden aan stoeproken voor het een woord werd. Pas als het woord genoeg gebruikt wordt mag het in het woordenboek… Dan zijn er nog woorden die van betekenis veranderen, zoals eufemismen scheldwoorden kunnen worden, maar na een tijd ook kunnen neutraal worden. Woorden kunnen verdwijnen, nieuwe woorden ontstaan en soms worden oude woorden opeens anders gebruikt. Een woordenboek kan dit niet vatten.

Ik vind het ook fijn dat je brieven concreter worden. Waarschijnlijk was het in het begin wel nodig het over een aantal moeilijkere of meer abstracte concepten te hebben. De filmpjes vond ik hilarisch, dat helpt ook.

Vele groetjes,



Siebe

zaterdag 12 mei 2012

Gent,


Hoi Heidi,

Mist! Dat moesten ze nu eens afschaffen: nergens goed voor! Wolken horen hoog in de lucht te hangen. Misschien lukt het je om nog eens naar Subjectia te gaan terwijl je daar nu toch in de buurt bent. Misschien moet je dan maar eerst het weerbericht checken ;-). Nuja, als je reist, moet je je toch altijd een beetje overlaten aan het toeval; en aan taxichauffeurs…

Het voorbeeld van de fiets vond ik heel duidelijk. Maar geef nu toe, Heidi, een fiets die verschijnt als hij gestolen is… het kan al eens een lezer in de war brengen. Ik denk dat het klopt als je zegt dat Heidegger een nieuwe taal gebruikt, want je bedoelt gewoon iets anders met ‘verdwijnen’ en ‘verschijnen’. Het is dan verwarrend (lees: moeilijk) als je die andere invulling niet kent.

Ik begrijp dat taal als middel (als werktuig) verdwijnt als je het gebruikt, als je spreekt. Je bent je er niet bewust van, ook niet van de onderdeeltjes waaruit taal bestaat: woorden, klanken, letters, … behalve als er iets misloopt. Het is inderdaad pas als iemand van een ‘r’ een ‘l’ maakt, dat het opvalt hoeveel ‘r’ voorkomt in het Nederlands. Zou het niet kunnen dat je moedertaal gemakkelijker ‘verdwijnt’ dan een andere taal. Ik denk zelden na over Nederlands, maar als er me in Brussel iemand in het Frans aanspreekt, moet ik toch even denken. Aan de andere kant gaat het Frans spreken toch nu en dan vanzelf na een paar dagen op vakantie in Frankrijk. Moet je niet voldoende vertrouwd zijn met een taal zodat ze nu en dan kan ‘verdwijnen’? Hoe minder de taal ‘verschijnt’ hoe beter je de taal beheerst.

Zou je kunnen zeggen dat je nooit echt ‘over’ taal kan spreken maar altijd ‘in’ een taal? Want zelfs als je over taal spreekt, dan is dat steeds in een taal en terwijl je over die taal spreekt, denk je niet aan de taal waarin je spreekt. Dus taal verdwijnt.

Nog één iets: als je fiets gestolen is en je neemt de bus, maar die komt te laat, dan verschijnt die bus dus ook. Ken je het gedicht Wachten op de halte van Judith Herzberg?

Ik denk dat ik er nu maar mee ophou. Straks begrijp ik zelf niet meer wat ik schrijf. Het vraagt best wel wat concentratie om woorden opeens een andere dimensie mee te geven.

Doei!



Siebe

zaterdag 28 april 2012

Daseinstadt,


Dag Siebe,

Fijn dat de crèche meevalt voor je dochter. Ilse is ondertussen weer aan het werk neem ik aan? Wat die ziektekiemen betreft, hadden jullie misschien zelf beter een ander beroep gekozen? Beiden in het onderwijs gaan, is het sowieso wel een beetje zoeken, vind ik.

Hier in Dasein heb ik al een vaste stek gevonden om mijn mails te kunnen checken. Zolang ik hier blijf zal dat geen probleem zijn. Binnenkort reis ik wel door naar het Objectgebergte. Ik heb alvast een plaatsje op de trein geboekt. Ik neem me voor om van de gelegenheid gebruik te maken om Subjectia te verkennen. Waar ik echt naartoe wil, weet ik nog niet. Maar we reizen om te leren; misschien geldt dat ook voor de bestemming.

Bij veel zaken die ik nu lees, maak ik me ook de bedenking dat ik er nooit echt bij stilstond. Veel is vanzelfsprekend, tot je er begint op door te denken. De ‘da’ in Dasein, kan je net als ‘sein’ vrij letterlijk vertalen naar het Nederlands, namelijk als ‘er’. Het kan zowel ‘hier’ als ‘daar’ betekenen (Heidegger, Sein und Zeit, p. 133). ‘Erzijn’ of ‘ergens zijn’ hangt samen met een bepaalde plaats en een bepaalde tijd. Het betekent redelijk letterlijk ér zijn zoals in ‘deel uitmaken van’. De menselijke manier van Dasein is de mens met zijn mentale toestand op een bepaalde plaats en in een bepaalde tijd. Dasein is zich eigenlijk niet bewust van het plaatselijke en het tijdelijke van zijn bestaan. Dat komt omdat Dasein gesocialiseerd is. Dasein heeft zich de cultuur van een bepaalde context (in ruimte en tijd) eigen gemaakt. Het is net dat socialiseringsproces dat ervoor gezorgd heeft dat Dasein de wereld als vanzelfsprekend ervaart.

Dasein is meer dan een zijn, het is ook de eigen interpretatie van het eigen zijn. Heidegger schrijft: “Das Dasein versteht sich selbst immer aus seiner Existenz” (Heidegger, Sein und Zeit, p. 12). Dasein begrijpt zichzelf vanuit zijn bestaan. Maar omdat Dasein de wereld als vanzelfsprekend ervaart, is het goed mogelijk dat Dasein zichzelf misinterpreteert…

Volgens Heidegger is deze interpretatie geen bewuste aangelegenheid. Dreyfus stelt dat veel auteurs die fout maakten (Dreyfus, p. 13). Volgens Dreyfus ontkent Heidegger niet dat we soms onszelf ervaren als een bewust subject. Maar dat is eerder een afgeleide van een meer fundamentele manier van in-de-wereld-zijn (Dreyfus, p. 5). De manier van in-de-wereld-zijn overstijgt de klassieke tweedeling subject-object. Heidegger stelt in vraag dat ervaring gebaseerd moet zijn op de relatie tussen een zelfbewust subject (het innerlijke) en een onafhankelijk object (het uiterlijke). (Dreyfus, p. 5)

Het is interessant, Siebe, dat je je de vraag stelt ‘wie’ dan ‘wat’ ontdekt. Volgens Heidegger is het net onmogelijk ‘wie’ of ‘wat’ te definiëren omdat we door in-de-wereld te zijn geen weet hebben van de onderliggende overwegingen die ons denken beïnvloeden. Omdat die overwegingen voor ons vanzelfsprekend zijn. In het interpreteren is Dasein er zich niet van bewust dat zijn interpreteren beïnvloed is door zijn in-de-wereld-zijn.

Het is inderdaad in de dagdagelijkse activiteiten, in het handelen, zo je wil, dat de wereld ontdekt kan worden. De betekenis van het handelen zit al in-de-wereld. Je vraag of je door te beseffen dat je in-de-wereld bent, het waarom van het zijn kan begrijpen, is hier niet aan de orde. Heidegger stelt in vraag of je wel tot een echt besef van bestaan kan komen. De onderliggende invloeden zijn moeilijk te grijpen. Daarmee gaat hij in tegen het credo van Descartes: “Je pense, donc je suis”.

In een volgende brief probeer ik een goed voorbeeld te vinden om dit te illustreren. De treinreis naar Subjectia leent zich er waarschijnlijk toe. Ik hoop je zo te blijven boeien. En je hebt zeker gelijk: de woordkeuze van Heidegger kan hier en daar wel poëtisch zijn…

In Dasein is het aangenaam vertoeven. Het gehalte Eau de Dasein valt best mee. Als je het niet erg vindt, breng ik je er toch maar geen souvenirverpakking van mee.


Tschüss!



Heidi

woensdag 25 april 2012

Gent,


Beste Heidi,

Hier is alles in orde! Ik denk dat Emma de crèche geweldig vond. Mij was ze in ieder geval direct vergeten. Ze loopt zo graag mee met grote broer. Nu maar hopen dat ze niet even vaak ziek wordt; ook al wordt ze daar zogezegd sterker van.

Goed voor jou dat je eindelijk kon vertrekken. Ik begon er al voor te vrezen dat het er niet meer van zou komen. Er bleef toch maar altijd iets tussenkomen! Zoals beloofd wil ik je pennenvriend voor onderweg zijn. Ik hoop dat je overal waar je komt even gemakkelijk toegang tot het internet vindt. Dat zien we dan wel. Ik hou onze blog in de gaten, maar ik hou het digitaal. Brieven in plastiekmapjes bewaren zal er niet bij zijn. Je zal het met me eens zijn dat dat niet meer van deze tijd is. Fijn dat je vertrokken bent, ik hoop dat je reis je brengt waar je wil komen!

De vraag naar de betekenis of de zin van ‘zijn’ lijkt me inderdaad niet in één-twee-drie op te lossen. Eigenlijk heb ik daar nog nooit echt bij stil gestaan. Maar misschien moet je me toch beter proberen uitleggen wat ik me bij ‘Dasein’ moet voorstellen. Het ‘sein’ in ‘Dasein’ zal zich wel als ‘zijn’ laten vertalen in het Nederlands. Wat is dan precies ‘da’? (Nu heb ik ook weer ‘is’ gebruikt …)

De wereld wordt ontdekt in de dagdagelijkse activiteiten van het in-de-wereld-zijn. Wie ontdekt dan wat? Begrijp ik het goed dat doordat je in de wereld bent, dat je het ‘zijn’ ontdekt, dat je ‘er bent’? Is het dan zo dat je ontdekt wie je bent door te zijn? Wacht, nee, je schrijft: “In de activiteit wordt duidelijk hoe het zijn is.” Dus je moet niet enkel (aanwezig) zijn maar handelen om te ontdekken wie je bent.

Dat de betekenis van dat zijn in de wereld zit, lijkt me het omgekeerde van wat erboven staat. Je bekijkt het dan van de andere kant. Door te beseffen dat je in de wereld bent, begrijp je het waarom. Bedoel je dat?

Aan mijn vragen kan je wellicht afleiden of ik me iets kan voorstellen bij wat je schrijft. Ook al moet ik je brief een paar keer lezen, het boeit me wel. Ondertussen hult de wereld zich hier in duisternis: ik ga slapen. (Ik vind die woordkeuze van Heidegger op het eerste zicht wel fantastisch!)

Ondertussen ben je wel al in Dasein aangekomen. Hoe is het daar? Hopelijk is het geen overdosis aan Eau de Dasein. Vroeger kreeg mijn moeder elk jaar voor haar Nieuwjaar een flesje 4711 van haar schoonmoeder. Toen waren er nog zekerheden: bobonne was er van overtuigd dat ze iets kostbaars cadeau gaf; mijn moeder kwaad want die flesjes geraakten niet op en bovendien vond ze dat dat stonk; wij maar gniffelen…

Wat het Duits spreken betreft, Heidi, durf spreken! Ik merk ook bij veel van mijn cursisten dat ze het moeilijk hebben om die drempel over te geraken; het zal iets menselijks zijn zeker?

Tschüss!



Siebe