Daseinstadt,
Hoi Siebe,
Voorlopig geen gezondheidsklachten en ik beloof je dat ik op mijn hoede ben voor oplichters!
Het vergezicht van Figuurlijk is ietwat tegengevallen. Dikke mist versperde het zicht… grrr! Het was zo erg dat de kabelbaan niet open was omdat ze toch geen toeristen verwachtten. Ondertussen ben ik terug in Daseinstadt. Misschien ga ik nog eens terug naar Figuurlijk. Uiteindelijk ben ik hier nog tot eind juni. Ik maak er nu werk van Daseinstadt grondiger te bezoeken. Sympathieke taxichauffeurs die me al dan niet per ongeluk op de verkeerde plek brengen, zorgen wel voor een extra dimensie aan mijn verkenning.
Vroeger had ik ook altijd de indruk dat filosofen zo grootsprakerig doen. Door er meer mee bezig te zijn, denk ik er eigenlijk niet meer zo over. Zeker als het over Heidegger gaat. Eigenlijk probeert Heidegger net ‘voet aan de grond’ te krijgen door in het alledaagse betekenis te vinden. De essentie hier is de taal. Je vraagt me om 'mensentaal' te gebruiken om het uit te leggen. Heidegger stelde dat hij een nieuwe taal nodig had om zijn inzichten wereldkundig te maken. Dat is ook wat hij gedaan heeft. Als je dus Heidegger wil begrijpen, moet je zijn nieuwe taal leren voor je kan begrijpen wat hij bedoelt. “Nur wer schon versteht kann zuhören,” schrijft Heidegger (kaart Daseinstadt [1]). Ik denk dat dit voor elke taal geldt, ook voor de taal die Heidegger zelf gebruikte en vormgaf. Je moet het al kunnen begrijpen voor je kan horen wat er gezegd wordt.
Taal als totaliteit van woorden is een deel van de wereld, een soort wereld binnen de wereld. Maar een wereld die niet los te maken is van de wereld. Taal heeft in die betekenis zijn wortels in de wereld en weerspiegelt de structuur van de wereld.
Heidegger noemt taal een “innerweltlich Seiendes” en zegt erover dat het “Zuhanden” is (kaart Daseinstadt [11]). Taal is 'terhands', het is beschikbaar om direct te gebruiken. Het is zoals je fiets klaarstaat in de gang en als je ergens heen wil, dan neem je die gewoon.
Heidegger bespreekt werktuigen en is erdoor gefascineerd dat werktuigen verdwijnen tijdens het gebruik. Je vergeet de eigenschappen van je fiets; dat die wielen heeft en zo. Je fietst gewoon. Je bent op de een of andere manier één met je fiets, je beseft niet dat je fietst. Zo ook met taal. Je gebruikt de taal die je geleerd hebt en je weet zelfs niet hoe je die geleerd hebt. Je hoort nooit de geluiden of de klanken zelf, maar je begrijpt direct de woorden en de zinnen (kaart Daseinstadt [2] en [3]). Het is pas als er iets mis is met het werktuig dat je het werktuig in al zijn aspecten en onderdelen kan zien. Als je een lekke band rijdt en die band vervangt, dan weet je weer dat die band aan je fiets zit. In die zin verschijnt je fiets als hij gestolen is. Als je fiets gestolen is, besef je wat die fiets eigenlijk betekent, want nu moet je met de bus en dus wachten op die bus en dan moet je sowieso nog een stuk te voet en een nieuwe fiets gaan kopen en die fiets loopt dan niet zo goed als de fiets die je gisteren nog had … De bus is op dat moment 'vorhanden'. Je gebruikt de bus om toch thuis te geraken. Een werktuig kan 'terhands' zijn (fiets in de gang), maar ook voorhanden.
Taal ook. Taal is 'zuhanden' (zoals je fiets in de gang), maar de woorden kunnen ook voorhanden zijn: “Die Sprache kann zerschlagen werden in vorhandene Wörterdinge,” (kaart Daseinstadt [12]), schrijft Heidegger. Taal kan in stukjes gehakt worden en de woord(ding)en kan je gebruiken. Zoals eender welk werktuig kan taal opeens verschijnen. Je kan niet op een woord komen en je beseft dat je taal aan het gebruiken bent, maar je gebruikt een ander woord of een omschrijving. Dasein heeft taal (kaart Daseinstadt [10]) en gebruikt taal als een tool, als werktuig (Dreyfus, p. 221).
Ik ben er helemaal nog niet uit hoe Heidegger taal ziet, ik heb ook het gevoel dat mijn zoektocht nog maar net begonnen is. In Sein und Zeit schrijft Heidegger dat het filosofisch onderzoek een keer zal moeten besluiten “welche Seinsart der Sprache überhaupt zukommt” (kaart Daseinstadt [9]). Hij vraagt zich dus af wat voor een zijnde taal is.
Het is een geruststelling dat Heidegger het toen ook nog niet wist. Zo Siebe, dit heb ik de laatste dagen geleerd. Ondertussen maak ik nieuwe plannen voor mijn reis.
Vele groetjes,
Heidi
Geen opmerkingen:
Een reactie posten